Ook op Molblog loopt een discussie over de vermarketing van cultuur met bovenstaande titel. In de reacties op de post van Willem-Albert Bol blijkt weer de nood om de containertermen cultuur of kunst op te delen. Elitair versus entertainment, doelgroep en product, promotie en subsidie, … zijn de kapstokken waaraan de discussie vaak opgehangen wordt.
Het bericht is gestart naar aanleiding van een Nederlands artikel in Het Financieele dagblad Het kan, Radio 538-publiek bij Tsjechov, waarin Frits Spangenberg, directeur van onderzoeksbureau Motivaction, beweert dat bezoekcijfers voor theaters en musea fors hoger kunnen. Mits kunst en cultuur anders gepresenteerd worden. Hij staaft die bewering met cijfers uit het onderzoek dat Kunstenaars&CO liet uitvoeren naar de rol van kunst en cultuur in het dagelijkse leven van de Nederlanders.
De cijfers zijn op z’n minst verbluffend te noemen. De culturele interesse van het Nederlandse volk blijkt veel groter te zijn dan altijd is verondersteld. Maar liefst 92% hecht waarde aan kunst en cultuur. Voor 34% is cultuurdeelname een belangrijk deel van het persoonlijke leven. Dit druist in tegen het stereotype beeld van de cultuurconsument als hoogopgeleide veelverdiener. De crux zit ‘m in de vraagstelling van het onderzoek.